puttingijzertje

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • put·ting·ij·zer·tje

Zelfstandig naamwoord

puttingijzertje o

  1. verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord puttingijzer