martelkamertjes

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • mar·tel·ka·mer·tjes

Zelfstandig naamwoord

martelkamertjes mv

  1. verkleinwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord martelkamer