kropen

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • kro·pen

Werkwoord

vervoeging van
kruipen

kropen

  1. meervoud verleden tijd van kruipen
    • Wij kropen. 
    • Jullie kropen. 
    • Zij kropen. 

Gangbaarheid

75 % van de Nederlanders;
74 % van de Vlamingen.