Naar inhoud springen

internes

Uit WikiWoordenboek

internes

  1. vrouwelijk en mannlijk meervoud van interne
vervoeging van
interner

internes

  1. tweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (indicatif présent) van interner
  2. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige aanvoegende wijs (subjonctif présent) van interner


vervoeging van
internar

internes

  1. aanvoegende wijs tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van internar
  2. gebiedende wijs (ontkennend) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van internar