hydreerde
Uiterlijk
- hy·dreer·de
| vervoeging van |
|---|
| hydreren |
hydreerde
- enkelvoud verleden tijd van hydreren
- Ik hydreerde.
- Jij hydreerde.
- Hij, zij, het hydreerde.
- Ik hydreerde.
- Het woord hydreerde staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.