hinchamos
Uiterlijk
| vervoeging van |
|---|
| henchir |
hinchamos
- aanvoegende wijs eerste persoon meervoud tegenwoordige tijd (presente) van henchir
- gebiedende wijs (bevestigend en ontkennend) eerste persoon meervoud tegenwoordige tijd (presente) van henchir
| vervoeging van |
|---|
| henchirse |
hinchamos
- aanvoegende wijs eerste persoon meervoud tegenwoordige tijd (presente) van henchirse
- gebiedende wijs (ontkennend) eerste persoon meervoud tegenwoordige tijd (presente) van henchirse
| vervoeging van |
|---|
| hinchar |
hinchamos
- eerste persoon meervoud tegenwoordige tijd (presente) van hinchar
- eerste persoon meervoud verleden tijd (pretérito indefinido) van hinchar
| vervoeging van |
|---|
| hincharse |
hinchamos
- eerste persoon meervoud tegenwoordige tijd (presente) van hincharse
- eerste persoon meervoud verleden tijd (pretérito indefinido) van hincharse
| vervoeging van |
|---|
| hinchir |
hinchamos