frecuentes
Uiterlijk
| vervoeging van |
|---|
| frecuentar |
frecuentes
- aanvoegende wijs tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van frecuentar
- gebiedende wijs (ontkennend) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van frecuentar
| vervoeging van |
|---|
| frecuentar |
frecuentes