excommuniceerde

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ex·com·mu·ni·ceer·de

Werkwoord

vervoeging van
excommuniceren

excommuniceerde

  1. enkelvoud verleden tijd van excommuniceren
    • Ik excommuniceerde. 
    • Jij excommuniceerde. 
    • Hij, zij, het excommuniceerde.