empobrezca
Uiterlijk
| vervoeging van |
|---|
| empobrecer |
empobrezca
- aanvoegende wijs eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van empobrecer
- aanvoegende wijs derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van empobrecer
- gebiedende wijs (bevestigend en ontkennend) derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van empobrecer