emplacementje

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • em·pla·ce·ment·je

Zelfstandig naamwoord

emplacementje o

  1. verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord emplacement

Gangbaarheid

77 % van de Nederlanders;
63 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be