Naar inhoud springen

doldraaiden

Uit WikiWoordenboek
  • dol·draai·den
vervoeging van
doldraaien

doldraaiden

  1. (in een bijzin) meervoud verleden tijd van doldraaien
    • ...dat wij doldraaiden. 
    • ...dat jullie doldraaiden. 
    • ...dat zij doldraaiden.