Naar inhoud springen
dilates
- tweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (indicatif présent) van dilater
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige aanvoegende wijs (subjonctif présent) van dilater
dilates
- aanvoegende wijs tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van dilatar
- gebiedende wijs (ontkennend) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van dilatar
dilates
- aanvoegende wijs tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van dilatarse
- gebiedende wijs (ontkennend) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van dilatarse