desampare
Uiterlijk
| vervoeging van |
|---|
| desamparar |
desampare
- aanvoegende wijs eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van desamparar
- aanvoegende wijs derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van desamparar
- gebiedende wijs (bevestigend en ontkennend) derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van desamparar