Naar inhoud springen

convive

Uit WikiWoordenboek
enkelvoud meervoud
zonder lidwoord met lidwoord zonder lidwoord met lidwoord
  convive     le/la convive     convives     les convives  

convive m/v

  1. gast die de maaltijd bijwoont
vervoeging van
convivir

convive

  1. derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van convivir
  2. gebiedende wijs (bevestigend) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van convivir