confronte
Uiterlijk
| vervoeging van |
|---|
| confrontar |
confronte
- aanvoegende wijs eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van confrontar
- aanvoegende wijs derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van confrontar
- gebiedende wijs (bevestigend en ontkennend) derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van confrontar