chap

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • chap

Werkwoord

vervoeging van
chappen

chap

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van chappen
    • Ik chap. 
  2. gebiedende wijs van chappen
    • Chap! 
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van chappen
    • Chap je? 

Gangbaarheid