bulldozerde
Uiterlijk
- Geluid: bulldozerde (hulp, bestand)
- bull·do·zer·de
| vervoeging van |
|---|
| bulldozeren |
bulldozerde
- enkelvoud verleden tijd van bulldozeren
- Ik bulldozerde.
- Jij bulldozerde.
- Hij, zij, het bulldozerde.
- Ik bulldozerde.
- Het woord bulldozerde staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.