beleerd

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • be·leerd
Woordherkomst en -opbouw
  • vervoeging van beleren: de stam met de uitgang -d, zonder ge- vanwege voorvoegsel

Werkwoord

vervoeging van
beleren

beleerd

  1. voltooid deelwoord van beleren

Gangbaarheid

88 % van de Nederlanders;
87 % van de Vlamingen.