Naar inhoud springen

amble

Uit WikiWoordenboek
enkelvoud meervoud
zonder lidwoord met lidwoord zonder lidwoord met lidwoord
  amble     l'amble     ambles     les ambles  

amble m

  1. (paardrijden) telgang
vervoeging van
ambler

amble

  1. eerste en derde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (indicatif présent) van ambler
  2. eerste en derde persoon enkelvoud tegenwoordige aanvoegende wijs (subjonctif présent) van ambler
  3. tweede persoon enkelvoud gebiedende wijs (impératif présent) van ambler


vervoeging van
amblar

amble

  1. aanvoegende wijs eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van amblar
  2. aanvoegende wijs derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van amblar
  3. gebiedende wijs (bevestigend en ontkennend) derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van amblar