abanica
Uiterlijk
| vervoeging van |
|---|
| abanicar |
abanica
- derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van abanicar
- gebiedende wijs (bevestigend) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van abanicar
| vervoeging van |
|---|
| abanicarse |
abanica
- derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van abanicarse