Dominicaantje

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • Do·mi·ni·caan·tje

Zelfstandig naamwoord

Dominicaantje o

  1. verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord Dominicaan