-man

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Huidig
bestand
5


Woordafbreking
  • -man
enkelvoud meervoud
naamwoord -man -mannen
-lieden
-lui
verkleinwoord -mannetje -mannetjes

Achtervoegsel

-man m

  1. een man die een expert is op een gebied
    • sport → sportman 
    • zaken → zakenman 
  2. een man die in dienst is of een functie bekleedt in een gebied
    • brandweer → brandweerman 
    • politie → politieman 
  3. een man die speciale kenmerken heeft met betrekking tot een gebied
    • dol → dolleman 
    • land → landsman 
  4. in bepaalde gevallen, een man van een bepaalde nationaliteit
    • Engels → Engelsman 
    • Frans → Fransman 
Antoniemen


Turks

Klinkerharmonie
Niet-palataal -man
Palataal -men

Achtervoegsel

-man na een niet-palatale klinker: "a", "ı", "o", "u"

  1. vormt de persoon die de handeling, uitgedrukt door het grondwoord, uitvoert.
    «say(mak) → sayman»
    tell(en) → boekhouder, accountant