zelfrijzend
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- zelf·rij·zend
| stellend | |
|---|---|
| onverbogen | zelfrijzend |
| verbogen | zelfrijzende |
Bijvoeglijk naamwoord
zelfrijzend
- de eigenschap hebbend een baksel luchtig te maken zonder het deeg eerst met gist te laten rijzen
- Dit bakmeel is zelfrijzend, omdat het carbonaat bevat.