vervaardigde

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·vaar·dig·de

Werkwoord

vervoeging van
vervaardigen

vervaardigde

  1. enkelvoud verleden tijd van vervaardigen
    Ik vervaardigde.
    Jij vervaardigde.
    Hij, zij, het vervaardigde.