traditie
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- tra·di·tie
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | traditie | tradities |
| verkleinwoord | traditietje | traditietjes |
Zelfstandig naamwoord
traditie v
- datgene wat van generatie op generatie aan kennis of gewoontes overgedragen wordt
- Volgens de traditie verklaarde St. Patrick in 434 in Ierland de heilige drie-eenheid door middel van een klavertje drie en maakt het een nationaal gelukssymbool.
- een bepaalde gewoonte die op gezette tijden in ere gehouden wordt
- Het is in Nederland traditie om op oudejaarsavond oliebollen te eten.