stikken

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • stik·ken
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
stikken
stikte
gestikt
zwak -t volledig

Werkwoord

stikken

  1. (ergatief) om het leven komen door zuurstofgebrek in de hersenen
    Hij is gestikt doordat die ruimte vol met koolzuurgas gestroomd is.
  2. (overgankelijk) een stuk stof middels een aantal vrij losse steken op zijn plaats houden
    Ik heb de zoom even gestikt, zodat hij nu goed genaaid kan worden.
Vertalingen