retoriek

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • re·to·riek
enkelvoud meervoud
naamwoord retoriek -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

retoriek v

  1. de leer van de welsprekendheid
    Er zijn zeker mensen die zich met retoriek bezighouden.
Synoniemen

Meer informatie

Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen