proficiat

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • pro·fi·ci·at
Woordherkomst en -opbouw
  • Aanvoegende wijs van het latijnse proficere (vordering, vooruitgang maken), dus laat het vorderen.

Tussenwerpsel

proficiat

  1. wordt gezegd om iemand geluk te wensen, met name in Zuid-Nederland en Vlaanderen.
Synoniemen