premisse

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • pre·mis·se
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord premisse premissen
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

premisse v

  1. het voorafgaande, de voorafgaande stelling
  2. in de abstracte logica: elk van de beide voorafgaande stellingen (propositio major en propositio minor) van een syllogisme waaruit de conclusie wordt gevormd
    premisse bij Woordenboek der Nederlandse taal (1500 tot ...)
Vertalingen

Meer informatie

Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl