meende

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • meen·de

Werkwoord

vervoeging van
menen

meende

  1. enkelvoud verleden tijd van menen
    Ik meende.
    Jij meende.
    Hij, zij, het meende.
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen