interesseer

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • in·te·res·seer

Werkwoord

vervoeging van
interesseren

interesseer

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van interesseren
    Ik interesseer.
  2. gebiedende wijs van interesseren
    Interesseer!
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van interesseren
    Interesseer je?