bosje

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Woordafbreking
  • bos·je

Zelfstandig naamwoord

bosje o

  1. verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord bos
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen