's anderendaags

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
  • IPA : /sɑndərən'daxs/
Woordafbreking
  • 's an·de·ren·daags
Woordherkomst en -opbouw
  • > des anderen daags, genitief van de andere dag

Bijwoord

's anderendaags

  1. op de volgende dag
    Hij maakte een lelijke val en 's anderendaags kon hij zich nauwelijks bewegen.
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen