zwijgzaam

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • zwijg·zaam
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen zwijgzaam zwijgzamer zwijgzaamst
verbogen zwijgzame zwijgzamere zwijgzaamste
partitief zwijgzaams zwijgzamers -

Bijvoeglijk naamwoord

zwijgzaam

  1. weinig sprekend
    Na de dood van haar vader is ze erg zwijgzaam geworden.
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.