Naar inhoud springen

zwetend

Uit WikiWoordenboek
  • zwe·tend
vervoeging van: zweten
verbogen vorm: zwetende

zwetend

  1. onvoltooid deelwoord van zweten

zwetend

  1. transpirerend
    • De zwetende man stonk vreselijk, maar hij zei dat eerlijk zweet niet stinkt. 
    • De zwetende malariapatiënt lag tandenklapperend in bed. 
     Nog steeds schoot hij 's nachts zwetend wakker uit een droom waarin hij opnieuw de angstige gezichten van de neerhurkende dorpelingen voor zich zag.[1]
  1. “Het koninklijk huis” (2022), Ambo/Anthos uitgevers op Wikipedia, ISBN 9789026354953