zwemvest

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • zwem·vest
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord zwemvest zwemvesten
verkleinwoord zwemvestje zwemvestjes

Zelfstandig naamwoord

zwemvest o

  1. een in het water om het lijf gedragen vest met hoog drijfvermogen om verdrinken te voorkomen
    • Het is aan boord van een zeilboot verplicht een zwemvest te dragen. 
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie