zweefclub

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • zweef·club
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord zweefclub zweefclubs
verkleinwoord zweefclubje zweefclubjes

Zelfstandig naamwoord

zweefclub m

  1. een vereniging die zich toelegt op het zweefvliegen.
    • De zweefclub hield twee keer per jaar een vergadering. 

Gangbaarheid

91 % van de Nederlanders;
90 % van de Vlamingen.