zwalpen

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • zwal·pen
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
zwalpen
zwalpte
gezwalpt
zwak -t volledig

Werkwoord

zwalpen

  1. inergatief heen en weer golven, doelloos en ongericht bewegen
    • We zwalpten maar wat over het eiland. 
Verwante begrippen
Vertalingen

Zelfstandig naamwoord

zwalpen mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord zwalp

Gangbaarheid

15 % van de Nederlanders;
92 % van de Vlamingen.