zuurdesem

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • zuur·de·sem
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord zuurdesem zuurdesems
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

zuurdesem m

  1. (voeding) gistend deeg
    • Er werd zuurdesem aan het deeg toegevoegd om het te laten rijzen. 
Synoniemen
Verwante begrippen

Gangbaarheid

88 % van de Nederlanders;
86 % van de Vlamingen.

Meer informatie