zurkel
Uiterlijk

- zur·kel
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | zurkel | 1. zurkels |
| verkleinwoord | - | - |
- (plantkunde) benaming voor bepaald soort overblijvende plant, Rumex acetosa
uit het geslacht van de zuring, die meer dan een halve meter hoog kan worden waarvan de bladeren in salades worden gebruikt - geen meervoud (groente) bladeren van veldzuring, Rumex acetosa
, die in salades verwerkt worden
- Het woord zurkel staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "zurkel" herkend door:
| 5 % | van de Nederlanders; |
| 70 % | van de Vlamingen.[1] |
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 6
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 2 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Plantkunde in het Nederlands
- Betekenis zonder meervoud in het Nederlands
- Groente in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 5 %
- Prevalentie Vlaanderen 70 %