zozeer
Uiterlijk
- zo·zeer
- samenstelling van zo en zeer
zozeer
- in zo'n hoge mate (met als gevolg dat)
- niet ~: niet in de eerste plaats
- ▸ Anders dan Guldi en Armitage doen voorkomen leren we niet zozeer van het verleden zelf, maar van het inzicht dat de historicus in dat verleden biedt.[3]
- ▸ Als een vrouw hem iets vroeg, deed hij het 'al gaat het hem nog zozeer tegen het karakter '.[1]
- Het probleem is niet zozeer de invoering, maar de controle.
- Ze wonnen niet zozeer door goed te spelen, als wel door hard te werken.
- ▸ Hij zag het probleem niet zozeer en maakte aanstalten om verder te lopen, waardoor ik overging op een andere strategie.[4]
- Het woord zozeer staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "zozeer" herkend door:
| 94 % | van de Nederlanders; |
| 92 % | van de Vlamingen.[5] |
- 1 2 “De tranen der acacia's”
(1949), G.A. van Oorschot
, ISBN 9789028242364 - ↑
blz LXXV Hert-spiegel
Fokke Veenstra
Uitgeverij Verloren, 1992
ISBN 90-6550-348-X - ↑ Chiel van den Akker“Geschiedenis” (2019), Athenaeum - Polak & Van Gennep
, ISBN 9789025310578 - ↑ Tim Voors“Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers

- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 6
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 2 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Samenstelling in het Nederlands
- Bijwoord in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 94 %
- Prevalentie Vlaanderen 92 %