Naar inhoud springen

zozeer

Uit WikiWoordenboek
  • zo·zeer

zozeer

  1. in zo'n hoge mate (met als gevolg dat)
     Als een vrouw hem iets vroeg, deed hij het 'al gaat het hem nog zozeer tegen het karakter '.[1]
    • Hij is ook koppig en zozeer overtuigd van zijn gelijk dat hij zijn standpunt niet wil verdedigen in een discussie. [2]
  2. niet ~: niet in de eerste plaats
     Anders dan Guldi en Armitage doen voorkomen leren we niet zozeer van het verleden zelf, maar van het inzicht dat de historicus in dat verleden biedt.[3]
     Als een vrouw hem iets vroeg, deed hij het 'al gaat het hem nog zozeer tegen het karakter '.[1]
    • Het probleem is niet zozeer de invoering, maar de controle. 
    • Ze wonnen niet zozeer door goed te spelen, als wel door hard te werken. 
     Hij zag het probleem niet zozeer en maakte aanstalten om verder te lopen, waardoor ik overging op een andere strategie.[4]
94 %van de Nederlanders;
92 %van de Vlamingen.[5]
  1. 1 2 De tranen der acacia's” op Wikipedia (1949), G.A. van Oorschot op Wikipedia, ISBN 9789028242364
  2. blz LXXV Hert-spiegel
    Fokke Veenstra
    Uitgeverij Verloren, 1992
    ISBN 90-6550-348-X
  3. Chiel van den Akker
    “Geschiedenis” (2019), Athenaeum - Polak & Van Gennep op Wikipedia, ISBN 9789025310578
  4. Tim Voors
    “Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers op Wikipedia
  5. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be