zonnekijker

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • zon·ne·kij·ker
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord zonnekijker zonnekijkers
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

zonnekijker m [1]

  1. telescoop geschikt om mee naar de zon te kijken
    • Bij de Leidse Sterrewacht waren zo’n 200 mensen samengekomen om de zonsverduistering mee te maken. Daar is de afgelopen maanden een zonnekijker gebouwd. Nét voor de eclips was die klaar. De aarde, maan en de zon stonden in Nederland tussen 9.30 uur en 11.48 uur op één lijn, waardoor de zon werd bedekt door de maan. [2] 
    • Wanneer Mercurius voor de zon langs trekt, is de zon tijdelijk een heel klein beetje minder helder dan normaal. Dat komt doordat een klein deel wordt bedekt door Mercurius. Liefhebbers van astronomie kunnen de gebeurtenis de hele middag in de Oude Sterrewacht in Leiden volgen met een speciale zonnekijker. De Leidse universiteit waarschuwt dat het kijken naar het fenomeen zonder speciale bescherming zeer gevaarlijk is voor de ogen. [3] 
Synoniemen

Gangbaarheid

93 % van de Nederlanders;
93 % van de Vlamingen.


Verwijzingen