zonnebrand

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • zon·ne·brand
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord zonnebrand -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

zonnebrand m

  1. (medisch) de vaak pijnlijke gevolgen van een blootstelling van de huid aan een te grote dosis ultraviolet licht
    Als je je niet insmeert heb je dadelijk last van zonnebrand.
  2. (metonymisch) zonnebrandcrème
    Insmeren met zonnebrand.
Vertalingen