zoektocht

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • zoek·tocht
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord zoektocht zoektochten
verkleinwoord zoektochtje zoektochtjes

Zelfstandig naamwoord

zoektocht m

  1. een reis die men onderneemt op zoek naar iets
    • De poolvos liep in een zoektocht naar voedsel over het ijs richting Groenland, vervolgde daar haar weg over land en gletsjers en bereikte Canada ook weer over zee-ijs. [1] 
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.

Verwijzingen