zinnebeeldig

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • zin·ne·beel·dig
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen zinnebeeldig zinnebeeldiger zinnebeeldigst
verbogen zinnebeeldige zinnebeeldigere zinnebeeldigste
partitief zinnebeeldigs zinnebeeldigers -

Bijvoeglijk naamwoord

zinnebeeldig [1]

  1. met name van een betekenis van taalgebruik: dat er een beeld wordt gebruikt dat verhelderend kan zijn maar niet letterlijk genomen moet worden
    • We zitten aan het water van de Gouwzee, op het terras van Huis aan het Water, een centrum voor leven met kanker. Het water weerkaatst het zonlicht, je kunt ver kijken – de natuur kan soms heel zinnebeeldig zijn.[2] 
Synoniemen
Antoniemen
  • letterlijk
Vertalingen

Gangbaarheid

74 % van de Nederlanders;
66 % van de Vlamingen.

Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. NRC Marjoleine de Vos 19 september 2016