zilveren

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • zil·ve·ren
Woordherkomst en -opbouw
  • Afgeleid van zilver met het achtervoegsel -en
stellend
onverbogen (alleen
attributief)
verbogen zilveren

Bijvoeglijk naamwoord

zilveren

  1. van zilver gemaakt
    • De zilveren hanger was niet zo veel waard omdat die machinaal gemaakt was. 
     Natuurlijk had ik Clio onderschat. In plaats van de deur open te doen in verhuis-T-shirt en joggingbroek verscheen zij, alsof ze wist dat dit haar eerste opkomst zou zijn in mijn boek, als een vrouw die weet hoe zij haar entree moet maken, in een spectaculair kort zwart jurkje van Elsa Schiaparelli, dat was afgezet met een bloemmotief van witte glaskraaltjes en een wufte kraag van witte raffia, met daarbij zwarte open schoenen met een hoge hak van Fendi en lange, hangende, zilveren oorbellen van Gucci.[1]
  2. een tweede plaats
    • Bij de Olympische Spelen heeft hij een zilveren medaille behaald. 
  3. 25 jaar gehuwd zijn.
    • Mijn ouders gaven een groot feest op hun zilveren bruiloft. 
Vertalingen

Gangbaarheid

96 % van de Nederlanders;
97 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Pfeiffer, Ilja Leonard op Wikipedia “Grand Hotel Europa” (2018), De Arbeiderspers op Wikipedia, ISBN 978-90-295-2622-7, p. 25