zigeunerhoenders
Uiterlijk

- (IPA in voorbereiding)
- zi·geu·ner·hoen·ders
- zigeunerhoender zn met de uitgang -s
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | zigeunerhoenders | |
| verkleinwoord |
de zigeunerhoenders mv
- meervoud van het zelfstandig naamwoord zigeunerhoender
- meervoudsvorm als officiële benaming (vogels) een orde Opisthocomiformes
bestaand uit 1 familie, 1 geslacht en 1 soort vogel
- [2] vogels, chordadieren, dieren
- [2] zie de categorie: Zigeunerhoenders in het Nederlands
- Het woord 'zigeunerhoenders' staat niet in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Taalunie.
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 16
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Zelfstandignaamwoordsvorm in het Nederlands
- Meervoudsvorm binnen nomenclatuur in het Nederlands
- Vogels in het Nederlands
- Zigeunerhoenders in het Nederlands
- Niet in Woordenlijst Nederlandse Taal