zeuren

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • zeu·ren
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
zeuren
zeurde
gezeurd
zwak -d volledig

Werkwoord

zeuren

  1. (inergatief) veelvuldig en langdurig klagen over weinig belangrijke zaken
    Hij zeurde over een paar punten verschil.
Synoniemen
Vertalingen

Zelfstandig naamwoord

zeuren mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord zeur