zeldzaam
Uiterlijk
- zeld·zaam
- Leenwoord uit het Duits, in de betekenis van ‘schaars’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1556 [1]
- Afgeleid van zeld- met het achtervoegsel -zaam.
| stellend | vergrotend | overtreffend | |
|---|---|---|---|
| onverbogen | zeldzaam | zeldzamer | zeldzaamst |
| verbogen | zeldzame | zeldzamere | zeldzaamste |
| partitief | zeldzaams | zeldzamers | - |
zeldzaam
- naar verhouding gering in aantal
- Deze vogel is veel zeldzamer geworden.
- Leavitt viel op haar beurt de pers aan: “Jullie snappen duidelijk niks van 'the art of the deal',” refererend aan het boek waarin Donald Trump uitlegt een zeldzaam genie te zijn in het sluiten van zakelijke deals.[2]
1. naar verhouding gering in aantal
- Het woord zeldzaam staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "zeldzaam" herkend door:
| 100 % | van de Nederlanders; |
| 98 % | van de Vlamingen.[3] |
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑ "zeldzaam" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
- ↑ www.parool.nl (10 apr 2025)
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 8
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 2 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Achtervoegsel -zaam in het Nederlands
- Bijvoeglijk naamwoord in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 100 %
- Prevalentie Vlaanderen 98 %