zeeweg

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • zee·weg
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord zeeweg zeewegen
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

zeeweg m

  1. zie: zeeroute

Gangbaarheid

96 % van de Nederlanders;
92 % van de Vlamingen.

Meer informatie